logo
Menu

Pocketmeting van het tandvlees

Onderzoek bij parodontitis

Voordat een parodontologische behandeling gestart kan worden, moet natuurlijk eerst onderzocht worden of iemand parodontitis heeft en ook in welke mate dit het geval is. Hiervoor bestaan een aantal methoden en technieken. De belangrijkste meting is de pocketmeting.

Op deze afbeelding is schematisch een pocketmeting te zien. Deze pocketmeting wordt uitgevoerd met een pocketsonde. Met behulp van deze pocketsonde is het mogelijk de diepte van de pocket in millimeters te meten. Het meest rechter plaatje bevat de diepste pocketmeting. Hoe dieper de pocket hoe ongunstiger de situatie.

DPSI

Als het goed is controleert de tandarts uw parodontium in ieder geval eenmaal per jaar en noteert de DPSI-score. Deze score geeft globaal de parodontale situatie in uw mond aan. Het gebit wordt verdeeld in zes gebieden, elk gebied kan een cijfer krijgen variërend van 0-4. DPSI is een afkorting voor Dutch Periodontal Screening Index.

0 Het tandvlees is gezond
1 Het tandvlees is ontstoken, u heeft gingivitis
2 Naast gingivitis heeft u ook tandsteen
3- Afbraak van de steunweefsels, u heeft parodontitis (pocket >4 en <6)
3+ Parodontitis in combinatie met teruggetrokken tandvlees
4 Een verdere verslechtering van situatie 3 (pocket 6 of groter)

Parodontiumstatus

Wanneer uit de 'screening' blijkt dat iemand parodontitis heeft, zullen meer gegevens onderzocht en opgeschreven moeten worden. De status waarin dit allemaal genoteerd wordt, heet de parodontiumstatus. Zes pocketmetingen rondom elke tand of kies worden hierop genoteerd, samen met andere gegevens, welke in de volgende alinea's worden behandeld. Na de eerste fase van de parodontologische behandeling zal opnieuw een parodontiumstatus gemaakt worden, om veranderingen te kunnen signaleren.